Kotsende donderslagen

donderslagen vol en venijnig
diep door het lijf
brein lijkt te ontploffen
woede als geenszins eerder
begint met wortel en al
voluit mijn geest te verdrijven

enkele reis Hiroshima graag
mijn onderbuik gevoel vraagt
Tjernobil
voor de spinazie van weleer
en beetje kernbom kan dit niet aan
de donder en bliksem van het leven

spugend, kotsend en walgend
draaf ik door dit leven
vol van ingehouden gekte
waanzin beneveld mijn geest
maar mijn laatste kracht blijft
ik lach om mezelf